
koortsig- koorts hebbend, aan koorts lijdend, door koorts bevangen
Fieber habend, an Fieber leidend, von Fieber ergriffen
koortsbegeleid- tegelijk met koorts optredend, voorkomend; door koorts begeleid
gleichzeitig mit Fieber auftretend, vorkommend; von Fieber begleitet
koortsachtig- op koorts wijzend, laten besluitend, met symptomen van koorts gepaard gaand
auf Fieber deutend, schließen lassend, mit Symptomen von Fieber einhergehend
koortsig opgewonden- zich (in verwachting van iets) (als in een koortsroes) in een toestand van hectische opwinding, nerveuze onrust bevindend
(in Erwartung von etwas) sich (wie im Fieberrausch) in einem Zustand hektischer Erregung, nervöser Unruhe befindend