Am Sonntag gehe ich mit meinem Großvater am See fischen.
Zondag ga ik met mijn grootvader aan het meer vissen.
„Die Skandinavier bauen Gerste und Hafer an, doch sie fischen auch und gehen auf die Jagd - im Norden zählen etwa Elche und Rentiere zu ihrer Beute.“
„De Scandinaviërs verbouwen gerst en haver, maar ze vissen ook en gaan op jacht - in het noorden behoren onder meer elanden en rendieren tot hun buit.“