„Als er den neonfarbenen Wolkenkratzer verlässt, sitzt ein schwarzweißes Mädchen auf seinem Motorrad und macht sich an den Kontrollen zu schaffen.“
"Als hij de neonkleurige wolkenkrabber verlaat, zit er een zwart-wit meisje op zijn motorfiets en morrelt aan de bediening."
„Die Namensschilder der anderen sind auch neonfarben.“
"De naambordjes van de anderen zijn ook neonkleurig."