
afbranden- door vuur volledig verwoest of vernietigd worden
durch Feuer völlig zerstört/vernichtet werden
opbranden- in brand staan en daardoor langzaam kleiner worden of verteerd worden
entzündet sein und dadurch langsam kleiner/aufgezehrt werden
neerbranden- grote hitte naar beneden uitstralen
große Hitze nach unten ausstrahlen
in brand steken- iets aansteken en door het vuur volledig laten verwoesten
etwas anzünden und vom Feuer völlig zerstören lassen