„Sie saß mit anderen jungen Leuten in einer auf und abwogenden Kutsche, entdeckte ihn und winkte ihm rückwärtsgewandt mit der Hand zu.“
„Zij zat met andere jonge mensen in een heen en weer wiegende koets, ontdekte hem en zwaaide hem achteromgekeerd met de hand toe.”
„[…] er sah, wie der Atem sich in Rauch verwandelte, dann wiederholte er den Satz, halb rückwärtsgewandt, und sah noch deutlicher den Kältedampf des Atems.“
„[…] hij zag hoe de adem in rook veranderde, toen herhaalde hij de zin, half achteromgekeerd, en zag nog duidelijker de koudedamp van de adem.”