
omhangen- om iemand iets heendoen, iets omhangen
um jemanden etwas herumgeben, etwas umhängen
omringen- iemand en iets in onmiddellijke nabijheid, zicht, bereik, de naaste omgeving brengen
jemanden und etwas in unmittelbare Nähe, Sichtweite, Reichweite, den näheren Umkreis bringen
omgeven- zich in de omtrek van iets of iemand aan alle kanten bevinden
sich im Umkreis von etwas oder jemandem zu allen Seiten befinden