„Unwillig die Argumente des Gegenübers anzuhören, eskaliert die Situation und sie geben einander mit Schirmen aufs «Dach».“
"Terwijl zij onwillig zijn om naar de argumenten van de tegenpartij te luisteren, escaleert de situatie en slaan zij elkaar met paraplu's op het «dak»."
„Dabei konnte man Mirko keineswegs unwillig oder widerspenstig nennen. Er tat gehorsam, was man ihm gebot,“ […].
"Daarbij kon men Mirko geenszins onwillig of weerspannig noemen. Hij deed gehoorzaam wat men hem gebood," [...].