
voorhouden- iets met de hand voor zich, voor zijn lichaam of mond plaatsen; iets van dichtbij op iemand anders richten, bijvoorbeeld een wapen
etwas mit der Hand vor sich, seinem Körper/Mund platzieren; etwas aus der Nähe auf jemand anderen richten, zum Beispiel eine Waffe
verwijten- kritiserend vermelden
kritisierend erwähnen
paraat houden- op voorraad of in reserve hebben
auf Lager/in der Rückhand haben
vooraf mikken- bij het richten rekening houden met de bewegingen van het beoogde object
beim Zielen die Bewegungen des anvisierten Objekts berücksichtigen