
wat- in uitroepen van spijt, verbazing, vreugde
in Ausrufen des Bedauerns, Erstaunens, der Freude
waarop- als betrekkelijke aansluiting
als relativer Anschluss
hoe- als modaal vragend bijwoord vraagt „hoe“ naar een bijwoord respectievelijk een bijwoordelijke bepaling en daarmee naar de wijze waarop. Het staat steeds aan het begin van een hoofdzin of van een vragende bijzin
Als modales Interrogativadverb erfragt „wie“ ein Adverb beziehungsweise ein Adverbiale und damit die Art und Weise. Es steht stets an der Spitze eines Hauptsatzes oder eines Interrogativnebensatzes.
zowel als- alsmede, en
sowie, und
hoe- na werkwoorden van waarneming
nach Verben der Wahrnehmung
toen- als
als
hoezeer- wordt „hoe“ voor een bijvoeglijk naamwoord of bijwoord geplaatst, dan vraagt het naar de betreffende graad die iets heeft respectievelijk waarin iets is of gebeurt
Wird „wie“ einem Adjektiv oder Adverb vorangestellt, erfragt es den jeweiligen Grad, den etwas hat beziehungsweise in dem etwas ist oder geschieht.
zoals- (even)zo, als
(eben)so, wie