„Und da fällt auf, daß die am häufigsten vorkommenden Anredewörter Verwandtschaftsbezeichnungen sind, wohlgemerkt auch für Fremde, die mit der jeweils eigenen Familie gar nichts zu tun haben.“
"En daarbij valt op dat de meest voorkomende aanspreekwoorden verwantschapsbenamingen zijn, nota bene ook voor vreemden die met het eigen gezin helemaal niets te maken hebben."