In dem Satz: "Wohin gehen wir?" ist "wohin" ein Frageadverb.
In de zin: “Waarheen gaan wij?” is “waarheen” een vraagbijwoord.
Frageadverbien können eine modale ("wie"), kausale ("wieso"), lokale ("wo") oder temporale ("wann") Bedeutung haben.
Vraagbijwoorden kunnen een modale (“hoe”), causale (“waarom”), lokale (“waar”) of temporele (“wanneer”) betekenis hebben.