„Er wollte gerade nach der Kunststoffschachtel mit dem Essen greifen, als Vater sich grunzend umdrehte.“
„Hij wilde net naar de kunststofdoos met het eten grijpen, toen vader zich grommend omdraaide.“
„Ein Verpackungshersteller liefert Kunststoffschachteln für das Verpacken von Lebensmitteln.“
„Een verpakkingsfabrikant levert kunststofdozen voor het verpakken van levensmiddelen.“