„In den Partnerspielen wird angestrebt, daß Kinder vor allem ihre Motorik aufeinander einstellen lernen, eine Vorübung für kooperatives Handeln.“
„In de partnerspelen wordt nagestreefd, dat kinderen vooral hun motoriek op elkaar leren afstemmen, een vooroefening voor coöperatief handelen.“
„Das Partnerspiel lebt aus dem Wechselspiel zwischen zwei sich gegenüberstehenden Partnern (Paaren).“
„Het partnerspel leeft uit het wisselspel tussen twee tegenover elkaar staande partners (paren).“