Die Jäger sitzen zwischen den Feldern im Rain, wo sie getarnt die äsenden Rehe erlegen können.
De jagers zitten tussen de velden in de akkerzoom, waar zij gecamoufleerd de grazende reeën kunnen schieten.
„Auf dem Rain im Garten meines Großvaters wuchsen riesige Himbeeren, wie ich sie noch nirgendwo gesehen habe.“
„Op de akkerzoom in de tuin van mijn grootvader groeiden reusachtige frambozen, zoals ik ze nog nergens heb gezien.“