„Die schöne Armenierin hatte bis jetzt in unveränderter Regungslosigkeit dagesessen, die langbewimperten Augen auf den Boden gerichtet, und anscheinend gar nicht gesehen oder gefühlt, was der Soldat im Sinne hatte.“
„De mooie Armeense had tot nu toe in onveranderde roerloosheid gezeten, de langgewimperde ogen op de grond gericht, en had schijnbaar helemaal niet gezien of gevoeld wat de soldaat van plan was.“