In der Linguistik wird klar zwischen der Sprache selbst, dem Sprachsystem (= langue), und dem Gebrauch, der Verwendung dieses Systems (= Sprachgebrauch, parole) unterschieden.
In de taalkunde wordt duidelijk onderscheid gemaakt tussen de taal zelf, het taalsysteem (= langue), en het gebruik, de aanwending van dit systeem (= taalgebruik, parole).
„Beim Sprachgebrauch kann man sich darauf verlassen, daß der Kommunikationspartner viele Informationen schon hat, sowohl was allgemein gültige Überzeugungen wie auch was spezielle durch den Kontext vermittelte Informationen betrifft.“
„Bij het taalgebruik kan men erop vertrouwen dat de gesprekspartner al veel informatie heeft, zowel wat algemeen geldige overtuigingen als wat specifieke door de context overgebrachte informatie betreft.”