aansporen- iemand motiveren, een bijzondere prikkel geven om zich meer in te spannen
jemanden dazu motivieren, einen besonderen Anreiz geben, sich mehr anzustrengen
„Was sollte ihn aber noch aneifern, seine grenzenlose Trägheit zu überwinden, da er sich auf Jahre hinaus vor materiellen Sorgen geschützt wusste?“
“Wat zou hem er nog toe moeten aansporen zijn grenzeloze traagheid te overwinnen, nu hij wist dat hij voor jaren tegen materiële zorgen beschermd was?”