
opdienen- spijzen op tafel serveren; een onderwerp aansnijden
Speisen auf dem Tisch servieren; ein Thema ansprechen
aanbrengen- crèmes, zalven, pasta's e.d. op een oppervlak aanbrengen
Cremes, Salben, Pasten u. Ä. auf eine Oberfläche aufbringen
opdragen- iemand vragen een taak uit te voeren
jemanden bitten, eine Aufgabe zu erledigen
afdragen- kleding dragen tot ze versleten is
Kleidung tragen, bis sie verschlissen ist
dikker maken- massiever, dikker doen lijken
massiger, dicker wirken lassen
opscheppen- pochen
angeben