
uit elkaar halen- erin slagen iets compacts te ontleden, vast verbonden delen van elkaar los te maken; ruziënde of vechtende personen van elkaar scheiden
es schaffen, etwas Kompaktes zu zerlegen, fest verbundene Teile zu voneinander zu lösen; Streitende/Kämpfende voneinander trennen
uit elkaar drijven- personen onenig laten worden, een goede relatie verbreken
(Personen) uneins werden lassen, eine gute Beziehung zerstören