
bengelen- van iets meestal loodrecht en vrij omlaag hangen en daarbij schommelen
von etwas meist senkrecht und frei herabhängen und dabei schwingen
laten bengelen- met iets hangends heen en weer zwaaien
mit etwas Hängendem hin und her schwingen
opgehangen worden- door ophanging gedood worden en aan de galg hangen
durch Erhängen getötet werden und am Galgen hängen