
hoek- punt waar twee begrenzende lijnen van een vlak dan wel drie of meer grensvlakken van een lichaam samenkomen
Punkt, in welchem zwei begrenzende Linien einer Fläche beziehungsweise drei oder mehr Grenzflächen eines Körpers zusammenstoßen
straathoek- plaats waar twee straten samenkomen: straathoek
Stelle, an der zwei Straßen zusammentreffen: Straßenecke
stukje- klein stukje van iets
kleines Stück von etwas
hoekje- iets in de vorm van een hoek
etwas in der Form einer Ecke ^([1])
streek- deel van een gebied, plaats, tuin: streek
Teil eines Gebietes, Ortes, Gartens: Gegend
hoekschop- verkorting voor hoekschop of hoekstoot; de vier hoeken van de ring of de mat
Kurzform für Eckball oder Eckstoß; die vier Winkel des Ringes oder der Matte
hokje- tot een bepaalde groep personen behoren
zu einer bestimmten Personengruppe gehören