
uitnodigen- iemand vriendelijk verzoeken te komen, te gast te zijn of mee te gaan, om samen iets te doen
jemanden freundlich auffordern, bitten zu kommen, Gast zu sein oder mitzugehen, um gemeinsam etwas zu tun
gratis aanbieden- iemand de kosteloze deelname aan iets aanbieden
jemandem die unentgeltliche Teilnahme an etwas anbieten
trakteren- voor iemand de kosten van een gezamenlijke onderneming dragen, bijvoorbeeld de rekening voor een etentje betalen
für jemanden die Kosten einer gemeinsamen Unternehmung tragen, zum Beispiel die Rechnung für ein Essen bezahlen
aansporen- iemand verzoeken iets te doen
jemanden auffordern, etwas zu tun
inladen- iets in een voertuig brengen
etwas in ein Fahrzeug schaffen