
verbinden- met een zwachtel bedekken, van een verband voorzien
mit einer Binde abdecken, mit einem Verband versorgen
verenigen- tot een geheel verenigen of in een nauwe betrekking brengen
zu einem Gefüge vereinen oder in eine enge Beziehung bringen
samengaan- zich verenigen (voor dingen of personen), een betrekking aangaan, een chemische verbinding aangaan
sich vereinen (für Dinge oder Personen), eine Beziehung eingehen, eine chemische Verbindung eingehen
doorverbinden- een beller aan de telefoon naar een gesprekspartner doorsturen
einen Anrufer am Telefon zu einem Gesprächspartner weiterleiten