den reinen Teig ohne Füllung oder Belag, meist beschwert mit einer Auflage wie zum Beispiel trockene Erbsen, so lange backen, bis er trocken wird und Feuchtigkeit besser standhält
„‚Blindbacken‘ bezeichnet das Vorbacken von Mürbeteig ohne Füllung oder Belag. Dadurch erhält man einen knusprigen Boden, der nicht aufweicht (wichtig bei z.B. Obstkuchen).“
„blindbakken duidt het voorbakken van zanddeeg zonder vulling of beleg aan. daardoor krijgt men een knapperige bodem die niet zacht wordt (belangrijk bij bijv. vruchtentaart).“
„Blind vorbacken: Backpapier auf den Boden legen und auf das Backpapier Hülsenfrüchte (trockenen Linsen, Erbsen oder auch Reis) verteilen – so wird der Boden beschwert und kann nicht hochgehen.“
blind voorbakken: bakpapier op de bodem leggen en op het bakpapier peulvruchten (droge linzen, erwten of ook rijst) verdelen – zo wordt de bodem verzwaard en kan hij niet omhoogkomen.