Bezeichnung für einen Artilleristen im Gegensatz zu den Büchsenmeistern und Feuerwerkern
„Zu Beginn des 16. Jahrhunderts, als die Artillerie noch keine Waffengattung, sondern eine Zunft war, bezeichnete man die Artilleristen als Feldschützen, […]“
„Aan het begin van de 16e eeuw, toen de artillerie nog geen wapenonderdeel maar een gilde was, noemde men de artilleristen artilleristen, [...]"
„Insbesondere aber hat der Feldschütz darauf zu achten, daß keine Feldfrevel, wie sie in den §§. 2, 3, 11, 12, 14, 16 bis 42 des Feldfrevelgesetzes näher beschrieben sind, stattfinden.“
„Maar in het bijzonder dient de artillerist erop toe te zien dat er geen veldmisdrijven plaatsvinden zoals nader omschreven in de §§ 2, 3, 11, 12, 14, 16 tot 42 van de wet op veldmisdrijven."