gave- begaafdheid/talent, zoals bijvoorbeeld genialiteit of sportiviteit
Begabung/Talent, wie zum Beispiel Genialität oder Sportlichkeit
Mozart hatte eine besondere Gabe für Musik.
Mozart had een bijzondere gave voor muziek.
„Man definiert ihn als ein beonderes Unterscheidungsvermögen, als eine schnelle Urteilsfähigkeit, als die Gabe, gewisse Zusammenhänge gesondert zu betrachten.“
„Men definieert hem als een bijzonder onderscheidingsvermogen, als een snel oordeelsvermogen, als de gave om bepaalde verbanden afzonderlijk te beschouwen.“
2
geschenk- geschenk of donatie
Geschenk oder Spende
Eine milde Gabe für die Armen wird hier immer gerne gesehen.
Een milde gave voor de armen wordt hier altijd graag gezien.
„Vor zwei Jahren hatte sich Rapper West ebenfalls nicht lumpen lassen: Da schenkte er seiner Frau satte 150 Gaben, darunter einen Pelzmantel in Regenbogenfarben und einen Jumpsuit von Prada.“
„Twee jaar geleden had rapper West zich ook niet onbetuigd gelaten: toen schonk hij zijn vrouw maar liefst 150 geschenken, waaronder een bontmantel in regenboogkleuren en een jumpsuit van Prada.“