ein großes, häufig in Kirchen zu findendes, Musikinstrument mit Manualen und einer Klaviatur für die Füße
"Über der Haupttür, dort, wo eigentlich die Orgel sein müßte, befindet sich eine Empore für die Männer; es führt eine Wendeltreppe hinauf, die unter den Holzschuhen hallt."
"Boven de hoofddeur, daar waar eigenlijk het orgel zou moeten zijn, bevindt zich een gaanderij voor de mannen; er voert een wenteltrap omhoog, die onder de klompen galmt."
„Und er berichtete, daß er bald nach seiner Ankunft in eine Kirchenruine gegangen sei, um Orgel zu spielen.“
„En hij vertelde dat hij kort na zijn aankomst naar een kerkruïne was gegaan om orgel te spelen.”