massiver Widerstand gegen bestimmte Zustände, die als unhaltbar betrachtet werden
In dem Land brach eine offene Revolte aus.
In het land brak een openlijke opstand uit.
„Man raunte, dass die Revolte am Tag des heiligen Thomas, also am 21. Dezember, ausbrechen werde.“
„Men fluisterde dat de opstand op de dag van de heilige Thomas, dus op 21 december, zou uitbreken.“