In Dynastien sind oft nur die Söhne erbberechtigt.
In dynastieën zijn vaak alleen de zonen erfgerechtigd.
„Ein Müller hatte drei Söhne, seine Mühle, einen Esel und einen Kater. Die Söhne mussten mahlen, der Esel Getreide holen und Mehl forttragen und die Katze die Mäuse wegfangen.“
“Een molenaar had drie zonen, zijn molen, een ezel en een kater. De zonen moesten malen, de ezel graan halen en meel wegbrengen en de kat de muizen vangen.”