prikkel- uitwendige of inwendige inwerking op een organisme
äußere oder innere Einwirkung auf einen Organismus
Ein elektrischer Reiz bewegt auch einen toten Muskel.
Een elektrische prikkel beweegt ook een dode spier.
„Eigentlich hätte sie mal wieder einen Strandurlaub nötig, die weiße Haut war fast durchsichtig und so empfindlich, dass sie schon beim geringsten Reiz rot wurde oder einen Ausschlag bekam.“
„Eigenlijk had ze weer eens een strandvakantie nodig, de witte huid was bijna doorzichtig en zo gevoelig dat ze bij de geringste prikkel al rood werd of uitslag kreeg.“
2
bekoring- verleidelijke werking die van een zaak of persoon uitgaat
verlockende Wirkung, die von einer Sache oder Person ausgeht
Die Dame konnte mit ihren Reizen alle Blicke auf sich ziehen.
De dame kon met haar bekoringen alle blikken op zich vestigen.
Es hätte schon seinen Reiz jetzt eine Woche Urlaub zu machen.
Het zou wel zijn bekoring hebben om nu een week vakantie te nemen.