
wandelen- een langere weg in de natuur te voet afleggen
einen längeren Weg in der Natur zu Fuß zurücklegen
trekken- (vaak, met regelmatige tussenpozen) van verblijfplaats wisselen
(häufig, in regelmäßigen Abständen) den Aufenthaltsort wechseln
verschuiven- van positie veranderen, de voorziene positie verlaten
die Lage verändern, die vorgesehene Lage verlassen