
arm- middelloos, geen geld bezittend
mittellos, kein Geld besitzend
arm- medelijden opwekkend, in een erge/beklagenswaardige toestand verkerend
Mitleid erregend, in einer schlimmen/bedauernswerten Lage sein
arm aan- karig voorzien van iets; over weinig hulpbronnen beschikkend
gering ausgestattet mit etwas; über wenig Ressourcen verfügend