
herkennen- iets of iemand zo duidelijk waarnemen dat men weet wat of wie het is in de zin van iets weer herkennen
etwas oder jemanden so deutlich wahrnehmen, dass man weiß, was oder wer es ist (im Sinne von etwas wiedererkennen)
identificeren- op grond van bepaalde aanwijzingen vaststellen waarmee of met wie men te maken heeft; met geschoolde, deskundige blik vatten
identifizieren; auf Grund bestimmter Anzeichen feststellen, um was oder um wen es sich handelt; mit geschultem, sachverständigen Blick erfassen
doorzien- iemand doorzien, juist beoordelen, inschatten, duidelijkheid krijgen over iemand met betrekking tot praktische, ethische vragen of omgangsvormen; iets volledig in zijn eigenlijke betekenis begrijpen; vaak in tegenstelling tot de zintuiglijke waarneming
jemanden durchschauen, richtig beurteilen, einschätzen, Klarheit gewinnen über jemanden, bezogen auf praktische, ethische Fragen oder Umgangsformen; etwas voll, in seiner eigentlichen Bedeutung begreifen; oft im Gegensatz zum sinnlichen Wahrnehmen
begrijpen- iets omvattend begrijpen via filosofische systemen, theorieën; de mens vat de werkelijkheid op empirische, transcendentale of sensualistische wijze; verder wordt kennen ook opgevat als weer herkennen van het beleefde
etwas umfassend, durch philosophische Systeme, Theorien begreifen; der Mensch erfasst die Realität auf empirische (John Locke), transzendentale (Immanuel Kant) oder sensualistische (Étienne Bonnot de Condillac) Weise; ferner wird erkennen auch als "wiedererkennen" von Erlebtem interpretiert (Moritz Schlick)
rechtspreken- in het kader van een vonnis een benoemd misdrijf bevestigen
im Rahmen eines Urteils ein benanntes Verbrechen bestätigen
kennen- paren, geslachtsgemeenschap hebben
begatten, Geschlechtsverkehr haben
crediteren- bijschrijven
gutschreiben