
accent- typische eigenschap van de uitspraak of de toonval van een taal (vaak die van een anderstalige die de moedertaal van de luisteraar spreekt)
typische Eigenschaft der Aussprache oder des Tonfalls einer Sprache (oft die eines Fremdsprachigen, der die Muttersprache des Zuhörers spricht)
klemtoon- beklemtoning van een zin, woord, lettergreep of klank
Betonung eines Satzes, Wortes, einer Silbe oder eines Lauts
accentteken- teken dat klemtonen of een afwijkende uitspraak markeert
Zeichen, das Betonungen ([2]) oder abweichende Aussprache kennzeichnet
muziekaccent- teken in de notatie dat aangeeft welke muzieknoten beklemtoond moeten worden
Zeichen in der Notation, das angibt, welche Musiknoten betont werden sollen
nadruk- bijzondere beklemtoning of accentuering van een feit
besondere Betonung oder Hervorhebung eines Sachverhalts