
uitrekken- rekbare voorwerpen in de lengte trekken
dehnbare Gegenstände in die Länge ziehen
uiteentrekken- door trekken scheiden, vaneenscheuren
durch Ziehen trennen, auseinanderreißen
openschuiven- door het wegtrekken van een afscherming openen
durch Wegziehen eines Sichtschutzes öffnen
uiteengaan- zich van elkaar verwijderen; ver uit elkaar oprichten
sich voneinander entfernen; entfernt voneinander errichten
uit elkaar gaan- door het vertrek van een of meer medebewoners niet meer samenwonen
durch Ausziehen eines oder mehrerer Mitbewohner nicht mehr gemeinsam wohnen