
uitbuiten- arbeidskracht, vermogen, kennis: benutten, uitbuiten, uit de voordelen van een andere persoon of zaak winst halen
Arbeitskraft, Fähigkeit, Wissen: ausnutzen, ausbeuten, aus den Vorzügen einer anderen Person oder Sache Gewinn ziehen
ontginnen- bodemschatten, grondstoffen, energie: bruikbaar maken, opwekken
Bodenschätze, Rohstoffe, Energie: nutzbar machen, erzeugen