
van plan zijn- besloten hebben en daarom van plan zijn respectievelijk het voornemen hebben iets te doen, om iets te verkrijgen of te bereiken
entschieden haben und deswegen vorhaben beziehungsweise den Vorsatz haben, etwas zu tun, um etwas zu erlangen oder zu erreichen
willen- alleen de wens naar iets hebben, ernaar verlangen, het begeren, er (alleen) naar hunkeren
nur den Wunsch nach etwas haben, danach verlangen, es begehren, sich danach (nur) sehnen
wollen- uit wol bestaande, uit het spinbare haar respectievelijk de vezels van de vacht van zoogdieren bestaande
aus Wolle, dem spinnfähigen „Haar“ beziehungsweise den Fasern vom Fell von Säugetieren bestehend
beweerd hebben- drukt afstand/twijfel uit bij een weergegeven uitspraak
drückt Distanz/Zweifel an einer wiedergegebenen Aussage aus
gelieven- vriendelijk verzoeken, moeten (afgezwakt), vaak met alstublieft, ook appellerend
freundlich auffordern, sollen (abgeschwächt), oft mit „bitte“, auch appellierend