
vallen- zich ongecontroleerd van boven naar beneden bewegen (door de zwaartekracht)
sich unkontrolliert von oben nach unten bewegen (durch die Gravitation)
dalen- tot een lagere waarde zakken
auf einen niedrigeren Wert sinken
sneuvelen- sterven door geweldpleging in de oorlog
sterben durch Gewalteinwirkung im Krieg
veroverd worden- ingenomen worden
eingenommen werden
plaatsvinden- op een bepaald tijdstip/op een bepaalde datum/dag plaatsvinden
zu einer bestimmten Zeit/an einem bestimmten Datum/Tag stattfinden