
man- volwassen, mannelijk mens
erwachsener, männlicher Mensch
echtgenoot- gehuwde, mannelijke persoon in relatie tot de andere huwelijkspartij
verheiratete, männliche Person in Beziehung zu der anderen Ehepartei
manschap- algemene telclassificator voor personen
allgemeiner Zahlklassifikator für Personen
joh- uitroep van verbazing of ergernis
Ausruf des Erstaunens oder der Verärgerung
volgeling- lid van een aanhang, gevolg van iemand
Mitglied einer Anhängerschaft, Gefolgschaft von jemandem
persoon- afzonderlijk persoon
einzelne Person